Als we opstaan voel ik me niet zo goed, mijn buik en arm hebben er geen zin in vandaag. We fietsen er toch op uit om voor de aangekondigde storm een stukje verder te komen en weer een camping te zoeken om te kunnen schuilen.
De route loopt verder langs de kust en is ook met het grijze weer prachtig. De zee is onstuimig en heeft een stuk van de weg kapotgeslagen. Zo slingert de route verder door Zadar, waar aan de oude forten, stadsmuren, bastions en kanalen de rijke geschiedenis is af te lezen. We komen ook al een autocamping tegen, maar koppig fietsen we door om nog wat verder te komen.
Na een tijdje kan ik niet meer, ik wil alleen nog maar liggen. We trappen nog even door en dalen een lange helling af tot de camping die we op de kaart hebben zien staan. Ik voelde de bui al hangen… die is nog gesloten, en we krijgen een nee te horen. We vragen bij appartementen en verder, maar we zijn toch echt meer dan een maand te vroeg voor alles opent. Er wordt nog volop geschilderd en geklust om alles in gereedheid te brengen. Dan maar wat duurder, er is een hotel in het aanliggende dorp…. alweer dicht! Er is ook een duur resort maar als we daar de prijs vragen slaan we steil achterover, toch maar weer terug. Na nog wat rondjes fietsen overwegen we op de dichte te camping of toch maar in het wild te gaan staan. Inmiddels begint het al behoorlijk hard te waaien en lijkt dit een steeds minder goed idee. Dan stelt Timo voor om het noodbudget in te zetten… en we besluiten dan toch te gaan verblijven in een sterrenhotel!
Dat is een geheel nieuwe ervaring. Met onze met modder beklede tassen en gaten in onze schoenen vallen we hier licht uit de toon. Maar wat gaan we genieten: van het niet in het onweer buiten zijn, van een douche, een zacht bed, en zelfs de uitgebreide sauna is inclusief! Het toppunt is toch wel en ontbijt waar we lang genoeg blijven plakken om er drie maaltijden uit te halen;)

We kijken onze ogen uit naar de zogenaamde ‘conscious indulgence’ waar de andere hotelbewoners zich in wentelen. Het zou hier zomaar een scène uit de film Triangle of Sadness kunnen zijn: de dure klasse neemt het overweldigende aanbod voor lief, drinkt champagne en eet zalm en truffel bij het ontbijt, kijkt afkeurend naar stoelen die hun luxe veeleisende lijf niet bevallen, en hebben als excuus voor hun bijtende hond ‘ik ben de muilkorf vergeten’.
Dan liever the ‘Trying of Kindness’. Het voelt een stuk menselijker om de kok te vragen hoe hij heeft geslapen, met de liftjongen te praten over boten en met de portier over zijn droomvakantiebestemming. Het is gek dat hij nieuwsgierig vraagt hoe het ontbijt er in het hotel uitziet, terwijl hij hier dag in dag uit werkt.
We laden onze fietsen, waar nu de modder in droog zand vanaf valt, weer op in de blinkende hal, drinken nog vijf gratis drankjes en nemen afscheid van de mensen bij de receptie.

Het is heerlijk om weer buiten te zijn, de wind te voelen, de wielen te laten rollen de helling af en de spieren te laten werken de helling op. Er hangt nog een geurige wolk om ons heen van de hotelsmeersels die ik natuurlijk allemaal heb uitgeprobeerd, maar al gauw overheerst weer het kruidige dennenbos. We vinden al snel een wildkampeerplekje, en wanneer de laatste bagage de tent in verdwijnt klinken er weer druppels op het doek. Ons paleisje staat weer, en hier hebben we alles wat we nodig hebben:)

Mooi geschreven reisverhalen Jip! Hopelijk voel je je weer goed nu en blijft het beter weer. Gr Roy